«Na de onafhankelijkheid…» (De Groene Amsterdammer, 23 maart 2002)

Na de verkiezingen in Zimbabwe. 

DOOR Peter Vermaas

Natuurlijk beseften velen dat een overwinning voor de oppositie bijkans onmogelijk was. Toch was het vurig verlangen naar verandering bijna overal in Zimbabwe omgeslagen in een zeker optimisme over de kansen van Morgan Tsvangirai, de presidentskandidaat van de Movement for Democratic Change (MDC). Als opiniepeilingen uitwijzen dat de oppositiekandidaat bij eerlijke verkiezingen rond de tachtig procent van de Zimbabwanen achter zich zou kunnen krijgen, dan moet je wel van heel goeden huize komen wil je in staat zijn meer dan dertig procent van de stemmen te verdonkeremanen, redeneerden de optimisten. En trouwens, waren er geen signalen dat Robert Mugabe en zijn Zanu PF er zelf ook bar weinig vertrouwen in hadden? In Britse kranten waren er geruchten over een vluchtplan van Mugabe voor het geval hij zou verliezen. En enkele dagen voor het verkiezingsweek end van 9/10 maart kwamen de berichten binnen dat de president zijn persoonlijk vermogen via Maleisië had weggesluisd. Dat waren toch niet bepaald tekenen dat hij zelf sterk rekening hield met een vijfde termijn als president, redeneerden de optimisten.

Wishful thinking, want hij slaagde erin de zege naar zich toe te trekken. Na chaotische en oneerlijk verlopen verkiezingen werd Mugabe (78) afgelopen zondag voor nog eens zes jaar beëdigd. Het lag nuchter bekeken natuurlijk volkomen in de lijn der verwachtingen. Maar het gemak waarmee hij de stembusstrijd door verfijnde sabotage in zijn voordeel wist te keren, was voor menigeen toch nog verrassend. Om de regeringsleiders van omliggende Afrikaanse landen niet in een al te moeilijke positie te brengen — stel je voor dat ze zich hard over een collega-staatshoofd moesten uitspreken — had Mugabe nog een zekere democratische schijn opgehouden. Een ware dictator, en dat ís Mugabe, kan natuurlijk net zo goed géén verkiezingen houden. Door die democratische schijn leek het echter af en toe net of er een «gewone» verkiezingsstrijd gaande was, waarin alle partijen een kans hadden. Veel verkiezingswaarnemers, met name uit Zimbabwes buurlanden, hebben zich daardoor laten ringeloren.

De democratie heeft gezegevierd, zei Mugabe in zijn aanvaardingsspeech. En om de economie te redden zal het «fast track» landhervormingsprogramma in nog hogere versnelling worden doorgevoerd. De aanbevelingen van het ontwikkelingsprogramma van de VN (UNDP), dat expliciet stelt dat de haastige landhervorming debet is aan de economische crisis én aan de voedseltekorten, slaat Mugabe in de wind. Allemaal imperialistische praatjes van het Westen. Allemaal volgelingen van Tony Bliar, de leugenaar, zoals de Britse premier voor de verkiezingen in krantenadvertenties van de Zanu PF werd genoemd.

Bijna twee weken lang reisde ik door het Zimbabwe van Mugabe. Ik hoorde oudere mensen zich meer dan eens verspreken. «Na de onafhankelijkheid…», zeiden ze, wanneer ze een verhaal begonnen over hun plannen voor na de verkiezingen. Zo voelde het. Als er ooit verandering zou kunnen komen, dan was het nu. Zimbabwe onafhankelijk, onafhankelijk van Mugabe. De verkiezingsstrijd, dat was de nieuwe bevrijdingsoorlog. Mugabe zelf sprak van de «derde chimurenga», de derde bevrijdingsoorlog (tegen de blanken), wanneer hij het had over de in juli 2000 begonnen versnelde herverdeling. De eerste chimurenga, een opstand tegen de koloniale machthebbers, begon in 1896. Met de tweede bedoelt de Shona-bevolking de guerrillaoorlog in de jaren zeventig die leidde tot de onafhankelijkheid. Al tijdens die tweede bevrijdingsoorlog was duidelijk dat Mugabe geen tegenspraak duldt, schrijft de Britse journalist Martin Meredith in een vorige maand verschenen biografie, die in Zimbabwe zelf niet verkocht mag worden maar waarvan in buurland Zuid-Afrika de exemplaren als warme broodjes over de toonbank gaan. Hoewel Mugabe in zijn eerste jaren enige pogingen ondernam het volk te verzoenen, liet hij er volgens Meredith tegelijkertijd geen twijfel over bestaan dat hij voor Zimbabwe een éénpartijstaat nastreefde. De slachtpartijen die Mugabe in 1983 onder leden van de toenmalige oppositie in de provincie Matabeleland liet uitvoeren, hadden voor de buitenwereld het signaal moeten zijn dat de jonge regeringsleider van het multiculturele Zimbabwe wellicht niet de democraat was die zo graag in hem werd gezien.

In zijn kantoor in Harare sprak ik Geoff Nyarota, hoofdredacteur van The Daily News, het dagblad dat de laatste maanden spreekbuis was voor de oppositie. Aan de muur een foto van een reisje dat hij in 1997 als hoofdredacteur van The Financial Gazette met zijn toenmalige kritische columnist Jonathan Moyo maakte. Het afgelopen jaar was Moyo als Mugabes minister van Informatie verantwoordelijk voor de de facto afschaffing van de persvrijheid en voor menig arres tatie van de te kritische Nyarota. «Gevoel voor humor heb je in dit land wel nodig», zei Nyarota vlak voor de verkiezingen met veel bravoure, verwijzend naar de foto die hij onlangs terugvond en direct flink liet uitvergroten. Het lachen is hem vergaan. Voor het eerst in lange tijd was afgelopen maandag de internet editie van de Daily News al enkele dagen niet bijgewerkt. Het harde werken van de voorbije maanden was voor niets geweest. ©

Peter Vermaas / De Groene Amsterdammer

Advertisements

About this entry