Morgan Tsvangirai: ‘We zijn pas vier jaar bezig’ (De Groene Amsterdammer, 10 januari 2004)

«We zijn pas vier jaar bezig»

Interview Morgan Tsvangirai

Het is de Zimbabwaanse oppositiepartij MDC nog niet gelukt de macht van president Mugabe te breken. MDC-leider Morgan Tsvangirai maakt zich op voor het jaar van de waarheid. «Wie politieke tegenstanders voedsel onthoudt, maakt zich schuldig aan genocide.»

DOOR Peter Vermaas

HARARE — Buitenlandse journalisten zijn in Zimbabwe niet welkom. En veel telefoons worden afgetapt door de actieve inlichtingendienst van president Mugabe. Een afspraak maken met voormalig presidentskandidaat Morgan Tsvangirai is een hachelijke onderneming. Meneer Bango, die voor de partijleider het woord voert, is derhalve kort van stof. «Beste vriend», roept hij joviaal door de telefoon, «we gaan er met z’n drieën een gezellige middag van maken. Om tien uur stipt zie ik je bij het bloemenstalletje op de hoek van King George Road.» Vandaar arriveren we na een kwartiertje rijden in een van de betere buurten van de stad. Halverwege een achterafstraatje met forse villa’s achter hoge muren, staat het zachtroze huis van Morgan Tsvangirai, leider van de Movement for Democratic Change (MDC). Zijn vijf bewakers zwaaien de metalen poort open als Bango de auto de oprijlaan opstuurt.

De oppositieleider houdt kantoor in een net gemeubileerd schuurtje achter in de tuin. Hij is aan huis gebonden, dezer dagen. Hangende de rechtszaak die de Zanu-PF van Robert Mugabe tegen hem aanspande wegens vermeend hoogverraad, is het hem verboden het land uit te reizen. Enkele dagen voor de presidentsverkiezingen van 2002 werd een nogal krakerig bandje in omloop gebracht waarop Tsvangirai met een Canadees-Israëlische consultant de mogelijkheden zou doornemen voor de liquidatie van Mugabe. Tsvangirai, die alom als pacifist bekend staat, was erin geluisd: de consultant stond op de loonlijst van Zanu-PF. Twee keer per week moet de «staatsgevaarlijke» oud-vakbondsman zich nu in afwachting van het vervolg van zijn proces melden bij de hoofdstedelijke politie. De doodstraf hangt hem boven het hoofd.

«Mag ik u voorstellen: Morgan Tsvangirai, de gekozen president van Zimbabwe», zegt meneer Bango als hij het kantoortje binnenstapt. Weggedoken in een immense leren stoel oefent de kleine gezette uitdager van Mugabe zijn toespraak voor het jaarlijkse MDC-partijcongres. Hij oogt vermoeid en lijkt in weinig op de uitgelaten presidentskandidaat die begin 2002 stad en land afreisde om de MDC-supporters een hart onder de riem te steken. «Morgan for president», heette het toen nog. Menigeen dacht dat hij werkelijk de bijna tachtigjarige Mugabe via min of meer eerlijke verkiezingen van de troon zou stoten. De partij was er sinds de oprichting in 1999 immers in geslaagd via verkiezingen een fors aantal parlementszetels te bemachtigen en in de grote steden Bulawayo en Harare was een ruime meerderheid van de bevolking volgens peilingen genegen de oppositie te steunen. Maar verkiezingen noch internationale druk brachten de oude despoot aan het wankelen.

De omwenteling in Zimbabwe gaat minder voortvarend dan verwacht, geeft de ietwat gedesillusioneerde Tsvangirai schoorvoetend toe. «Maar we zijn pas vier jaar bezig. In Georgië heeft het tien jaar geduurd voor het de oppositie lukte de president af te zetten.» Na de «rozenrevolutie» in de voormalige sovjetrepubliek meldden vertegenwoordigers van de partij van Tsvangirai onverwijld dat de Georgische methode «zeker geen optie» voor Zimbabwe is. De MDC volgt louter het «constitutionele en democratische pad», vertelde partijwoordvoerder Paul Themba Nyathi aan Zuid-Afrikaanse media.

Morgan Tsvangirai: «De steunpilaren van het regime zijn hier veel steviger. En de mogelijkheden van mensen om tegen het regime in opstand te komen zijn aanzienlijk beperkter. Uiteindelijk willen we natuurlijk dolgraag een omwenteling bewerkstelligen. Maar de toenemende armoede beperkt ons in onze mogelijkheden. Hoe armer de mensen zijn, hoe meer de machthebbers ze in hun greep hebben. Kijk naar de Sovjet-Unie. Daar heeft de onderdrukking bijna 75 jaar geduurd. Het vraagt altijd een geschikt moment in een specifieke historische context voordat mensen opstaan en iets doen aan de omstandigheden waarin ze leven. Wij moeten ons verder ontwikkelen. Er is meer agitatie nodig, meer mobilisatie ook.»

Maar het is voor Tsvangirai lastig de mensen te bereiken. De enige «onafhankelijke» krant die ook sporadisch buiten de grote steden verkrijgbaar was, The Daily News, is sinds september vorig jaar na openlijke steun voor de MDC het verschijnen onmogelijk gemaakt. En in de staats media wordt Tsvangirai doodgezwegen. Over het proces dat hij tegen Mugabe aanspande om de «gestolen verkiezingen» aan te vechten, wordt niet bericht.

Toch hoopt hij in 2004 alle tegenstanders van het regime te mobiliseren voor nieuwe massastakingen. In juni vorig jaar riep hij al op tot de «final push»: het laatste zetje om de regering-Mugabe op de knieën te krijgen. Maar de demonstraties in de straten van Harare werden door de oproerpolitie met harde hand neergeslagen en Tsvangirai verdween twee weken achter de tralies. Dit jaar maakt hij zich op voor de «final final push»: het allerlaatste zetje. Tsvangirai: «Zolang het regime het gevoel heeft dat de balans van de macht in zijn richting uitslaat, zullen we ons best moeten doen die aan het wankelen te brengen. Maar daarvoor is wel iedereen nodig. Nu nog moeten mensen vooral de humanitaire crisis zien te overwinnen. Ze willen gewoon iets te eten en worden zelfs daarbij gedwarsboomd door de machthebbers. Het is moeilijk je uit te spreken voor onze partij als dat betekent dat je geen voedselhulp krijgt.» Tsvangirai spreekt zelfs van volkerenmoord. «Wie politieke tegenstanders voedsel onthoudt, maakt zich schuldig aan genocide.»

De afgelopen maanden is geprobeerd met de Zanu-partij van Mugabe in dialoog te komen, zegt de MDC-leider. Maar dat is niet gelukt. «Er zijn geen substantiële gesprekken met de regering geweest», bezweert hij. Achter de schermen zeggen veel andere MDC-leiders dat er wel degelijk contacten waren, maar dat Tsvangirai niet bereid was zich neer te leggen bij de verkiezingsuitslag van maart vorig jaar. En dat was voor Zanu een absolute voorwaarde voordat ook maar één woord gesproken zou kunnen worden over bijvoorbeeld een overgangsregering. In het bijzijn van president Mbeki van Zuid-Afrika bevestigde Mugabe half december dat zijn partij al enige tijd «informele gesprekken» voerde met de MDC. Tsvangirai blijft dit ontkennen. «Iedereen is er ervan overtuigd dat dialoog de enige oplossing is. Maar bij Zanu hebben ook de meer verlichte geesten hun beperkingen: Mugabe is de baas. Hij en zijn naaste medewerkers zijn alleen bezig met hun eigen overleving. Dat soort gesprekken wil ik niet voeren. Wij hebben de verkiezingen gewonnen, hij niet. Het besluit van het Gemenebest om de schorsing van Zimbabwe te handhaven is het bewijs van de illegaliteit van de regering van Mugabe.»

Critici in Zimbabwe noemen de leiders van de MDC «stijfhoofden». Ze vragen zich af of de partij zich met de schimmigheid over de gesprekken met de regering niet schuldig maakt aan hetzelfde weinig transparante gedrag als de tegenstander. «De kritiek komt van mensen die niet bij de strijd betrokken zijn», verdedigt Tsvangirai zich. «Wij zijn nooit zomaar voorstander geweest van regime change. We willen alle instituties van dit land hervormen en in dienst stellen van het volk. De critici, intellectuelen meestal, klagen over het tijdspad, maar zo snel verander je een land niet. Afgelopen jaar organiseerden we massastakingen. Je kunt dus niet zeggen dat er niets is gebeurd. We moeten op alle mogelijke manieren druk uitoefenen op het regime. Onze strategie bestaat uit massa-acties, verkiezingen en juridische strijd. We zullen al die democratische methoden blijven gebruiken — of we er nu in geloven of niet. Soms werkt het, soms niet.»

Maar uiteindelijk gaat het niet om hem, zegt hij. Al zouden de Britten, die de MDC met geld en andere middelen steunen, de kneed bare Tsvangirai graag zo snel mogelijk in het State House zien om hun eigen economische belangen veilig te stellen en Zimbabwe weer in de gratie van het Internationaal Monetair Fonds te brengen. Tsvangirai: «Toen ik in de gevangenis zat, heb ik nagedacht over hoe het verder moet met de partij als ik definitief zou wegvallen. Ik ben het gezicht van de strijd en ik ben de wettige president van Zimbabwe, dat realiseer ik me. Maar de strijd mag niet draaien om één man. En ook niet om één oppositiepartij. Dit is een nationaal project, waarbij iedereen nodig is. We moeten een nationale volksbeweging ontketenen die het regime wil en kan uitdagen. Als MDC alleen kunnen we het niet meer. Dit is niet de struggle voor Tsvangirai, maar de struggle voor Zimbabwe.»

© Peter Vermaas / De Groene Amsterdammer

Advertisements

About this entry