Afrika’s zoveelste dictator (Knack 27 juli 2005)

Lange tijd was hij voor het Westen een lichtend voorbeeld in de grillige Afrikaanse politiek. Maar nu zijn tweede ambtstermijn ten einde loopt, lijkt president Yoweri Museveni geen afscheid te kunnen nemen van de macht. Een bericht uit Kampala.

Door Peter Vermaas

Ze hebben gewed om tien koeien. Doet Yoweri Museveni, de president van Uganda, een gooi naar een derde termijn, dan krijgt voormalig vice-premier Eriya Kategaya de beesten van John Nagenda, adviseur en woordvoerder van de president. Besluit Museveni in de komende maanden dat het na twintig jaar aan de macht genoeg is geweest, dan gaat het vee van Kategaya naar Nagenda. Maar Nagenda weet dat hij aan de verliezende hand is. Museveni heeft de grondwet niet voor niets laten aanpassen: alles wijst erop dat de voormalige guerrillaleider zich volgend jaar opnieuw verkiesbaar stelt. ‘Die koeien’, anticipeert Nagenda, ‘kies ik dadelijk zelf voor je uit.’ Kate- gaya buldert van het lachen. ‘Dat worden dus van die graatmagere exemplaren waar geen onsje vlees aan zit. Als jij wint, mijn vriend, dan mag je zelf de tien mooiste beesten van mijn kudde komen uitzoeken. En ik hoop dat je wint.’

Kategaya en Nagenda zijn tennispartners. Drie keer per week gaan ze de baan op. Maar vanavond komen ze in Kampala Club niet verder dan het drink- lokaal. De wodka vloeit er rijkelijk. Uganda is, zo bleek onlangs uit onderzoek, het land met het hoogste alcoholgebruik per hoofd van de bevolking ter wereld. De twee drinkebroers weten de statistieken de laatste tijd aardig op te krikken. In het politieke transitieproces dat hun land op dit moment doormaakt, lopen de gemoederen hoog op.

Jarenlang hadden beiden een blind vertrouwen in hun president. Kategaya was van kinds af Museveni’s voornaamste bondgenoot en vriend en de onbetwiste nummer twee van het land. Hand in hand vochten ze tegen de dictators Milton Obote en Idi Amin Dada, die Uganda in de jaren zeventig en tachtig naar de rand van de afgrond brachten. Na de inname van de hoofdstad Kampala in 1986, toen Museveni president werd, kreeg Kategaya verschillende hoge functies in het overheidsapparaat. Hij was vice-premier, minister van Buitenlandse en van Binnenlandse Zaken en onafscheidelijk van de grote baas.

Totdat de president twee jaar geleden liet doorschemeren dat hij van plan was om de onder zijn leiding in 1995 tot stand gekomen grondwet door het parlement te laten aanpassen. Het grondwetsartikel dat bepaalt dat de Ugandese president slechts twee termijnen van vijf jaar mag regeren, moest worden geschrapt. Kategaya zag daar niets in. ‘Vanaf 1986 hebben we de wereld laten weten dat we het heel anders wilden aanpakken dan in andere Afrikaanse landen’, zegt hij. ‘We wilden na jaren van onrust een stabiele democratie opbouwen, waarin iedereen evenveel politieke kansen heeft. Dat ging lang goed, we waren aardig op schema. Maar de president heeft te veel macht naar zich toe getrokken. Hij denkt dat zonder hem het land reddeloos verloren is. Zijn persoonlijke belangen, ook commercieel, zijn belangrijker geworden dan de belangen van het land.’ Kategaya uitte zijn kritiek openlijk en raakte, net als een aantal andere kritische Museveni-intimi, twee jaar geleden zijn kabinetspositie kwijt. Hij werkt tegenwoordig bij de Oost-Afrikaanse Ontwikkelingsbank.

Twee weken geleden kreeg Museveni zijn zin. Met een overweldigende meerderheid stemde het parlement vóór de grondwetswijziging. Volgens de oppositie heeft de president zijn derde termijn gekocht. Feit is dat een deel van de parlementariërs, die toch al een voor Afrikaanse begrippen exorbitante maandelijkse toelage ontvangen, grote geldbedragen heeft ontvangen om de plannen voor grondwetswijziging in hun kiesdistrict uit te leggen. ‘Dit land is door en door corrupt’, zegt Kategaya. ‘Nu het geld er nog is, zal iedereen proberen zo snel mogelijk binnen te zijn.’

John Nagenda noemt Kategaya zijn ‘politieke leermeester’. Maar hoofdschuddend hoort hij het verhaal van zijn vriend aan. ‘Eriya, je gaat veel te ver’, zegt hij steeds weer. De eloquente publicist is als hoofd van de Ugandese voorlichtingsdienst de president nog immer trouw. Sommige ontwikkelingen kosten hem niettemin zichtbaar moeite. In zijn wekelijkse column in de regeringskrant The New Vision ageerde Nagenda lang geleden tegen de derde termijn. En nog steeds, zegt hij, vindt hij het ‘in theorie’ en ‘in de Afrikaanse context’ beter als een president zich na twee regeertermijnen op het hoogtepunt van zijn populariteit terugtrekt.

Maar Museveni is een geval apart, meent Nagenda. ‘Ik bewonder die man. Hij werkt als een paard en heeft dit land na jaren van chaos weer op de rails gekregen. In de jaren tachtig lagen de straten bezaaid met lijken, nu is bijna het hele land veilig. Als de meerderheid van de Ugandezen hem een nieuwe termijn gunt, dan kan ik hem als democraat dat recht niet ontnemen.’ Museveni is volgens Nagenda zelfs te vergelijken met de Zuid-Afrikaanse ex-president Nelson Mandela, of met de Tanzaniaanse vader des vaderlands Julius Nyerere of – in betere tijden – met de Zimbabwaanse onafhankelijkheidsstrijder Robert Mugabe. ‘Dat zijn mensen die voor de eenheid en de ontwikkeling van een land zó belangrijk zijn, dat ze hun project moeten kunnen afmaken’, vindt de presidentiële woordvoerder.

De mobiele telefoon van Nagenda rinkelt onophoudelijk. Zijn vrouw verzoekt hem vriendelijk of hij toch vooral niet dronken achter het stuur wil stappen. Een journalist belt voor een reactie op het laatste nieuws dat Noorwegen het mes heeft gezet in de ontwikkelingshulp aan Uganda. En de nationale drukker vraagt of Nagenda zijn persoonlijke garantie wil geven voor de betaling van liefst één miljoen foldertjes voor de presidentiële campagne. Dat wil Nagenda wel. Mits het materiaal de volgende dag gedrukt is. Want hij heeft haast.

De discussie over een derde termijn voor Museveni valt namelijk samen met een nationaal referendum, op 28 juli, over een nieuw politiek stelsel. Op de valreep is besloten de campagne een beetje op te voeren. De Ugandezen bleken maar weinig te begrijpen van de dubbele boodschap die de president uitzendt. Hij voert campagne voor meerpartijendemocratie terwijl hij sinds zijn aantreden juist onophoudelijk heeft gezegd dat alle problemen die Uganda in het verleden kende, het gevolg waren van het pluralistische politieke systeem.

In Afrika, met z’n patronage langs etnische lijnen, worden politieke partijen snel sektarisch, constateerde Museveni lang geleden. Om hier een eind aan te maken, introduceerde hij het ‘ Movement-systeem’, volgens hem een nieuw model van ‘Afrikaanse democratie’. De oude politieke partijen werden als zodanig niet verboden, maar het werd ze niet langer toegestaan activiteiten te ontplooien, leden te werven of kantoren te openen. Automatisch was iedere Ugandees bij geboorte lid van de NRM, de National Resistance Movement. Iedereen kon zich in Museveni’s systeem verkiesbaar stellen voor een parlementszetel of een plek in een ander vertegenwoordigend orgaan, maar louter op persoonlijke titel.

AFRIKAANSE DEMOCRATIE

Het Westen reageerde overwegend enthousiast op Museveni’s vondst. Maar sinds eind jaren negentig zwelt de kritiek aan. Kritische parlementariërs, donoren en mensenrechtenorganisaties trokken de democratische aspiraties van de president in twijfel. De Movement begon steeds meer trekken te vertonen van een reguliere politieke partij en Uganda was daarmee de facto een door de grondwet gele- gitimeerde eenpartijstaat geworden. Tegenstanders van Museveni werden buitengesloten en waren volgens mensenrechtenorganisaties niet zeker van lijf en leden. Onder druk van de oppositie, de donoren (die jaarlijks meer dan de helft van de Ugandese begroting voor hun rekening nemen) en een uitspraak van het constitutionele hof, heeft Museveni nu besloten het stelsel open te gooien. ‘Laat de mensen die het niet met ons eens zijn hun eigen weg gaan’, herhaalt hij keer op keer. ‘Laat ze gaan!’

De afgelopen maanden konden partijen zich officieel registeren. Een deel van de Movement splitste zich af en vormde het Forum for Democratic Change (FDC), de oude partijen (vaak nog met dezelfde leiders als dertig jaar geleden) werd nieuw leven ingeblazen en de Movement werd een gewone politieke partij, zij het met erg veel macht.

Terwijl de oppositiepartijen op papier niets liever willen dan herstel van de meerpartijendemocratie, boycotten ze het referendum van deze week. Het geeft geen pas, vinden ze, om te stemmen over universele rechten van burgers. ‘Het referendum is volstrekt verwarrend’, zegt parlementslid John Ken Lukyamuzi van de Conservatieve Partij in zijn overladen werkkamer in het parlementsgebouw. ‘De president is nog altijd voorzitter van de Movement. Ik ken geen land ter wereld waar een president of wie dan ook voorzitter van een politiek stelsel is. Voert hij nou campagne voor zijn eigen partij of voor meer democratie? Ik zou het niet weten. En al draag ik de meerpartijendemocratie een warm hart toe, aan zo’n geldverslindend project werk ik sowieso niet mee.’ En linksom of rechtsom, zegt Lukyamuzi, de president krijgt zijn zin toch wel. ‘Hij gebruikt het referendum vooral om zijn populariteit voor de verkiezingen van volgend jaar te testen. En de plattelandsbewoners trappen daar waarschijnlijk wel in. Die heeft hij via het overheidsapparaat makkelijk onder controle.’

SUCCESMODEL

Jarenlang werd Uganda door westerse landen gezien als een lichtend voorbeeld voor de rest van Afrika. President Museveni, zijn collega’s Paul Kagame van Rwanda, Meles Zenawi van Ethiopië en Isaias Afewerki van Eri- trea, waren de ‘Afrikaanse leiders nieuwe stijl’ en Uganda was volgens de Amerikaanse oud-minister van Buitenlandse Zaken Madeleine Albright een ‘baken van hoop voor Afrika’. Het was in de tweede helft van de jaren negentig in Kampala een komen en gaan van politici uit Europa en de Verenigde Staten die het succesmodel van Museveni van dichtbij wilden aanschouwen. Ontwikkelingshulp stroomde bij de ‘ donor darling’met miljarden binnen. Met een goede pr en een macro-eco- nomisch beleid naar Wereldbank- en IMF-recept, slaagde Museveni erin het imago van Uganda als poel van dood en verderf danig op te vijzelen. En toegegeven: Uganda ligt er stukken beter bij dan twintig jaar geleden. De economische groei is constant hoog geweest, de armoedecijfers zijn lange tijd (tot 2002) flink gedaald en het land kent voor Afrikaanse begrippen tamelijk veel persvrijheid.

Nu is het stil in Kampala. De nieuwe Wereldbank-chef Paul Wolfowitz sloeg het land tijdens zijn recente Afrikaanse tournee over en de Amerikaanse president George W. Bush heeft Museveni openlijk geadviseerd zich na twee termijnen terug te trekken op zijn ranch. Donoren houden hun hart vast om wat komen gaat. Het referendum maakt deel uit, waarschuwen critici, van een masterplan dat Museveni nog jarenlang aan de macht moet houden. De grondwet legt hem geen beperkingen meer op en door het meerpartijenstelsel dat naar verwachting volgend jaar geïntroduceerd wordt, kan zijn partij hem zonder problemen de komende jaren voordragen als kandidaat voor het presidentschap.

Museveni, die bij de verkiezingen van 2001 beloofde voor de laatste keer te zullen deelnemen, is hard op weg de zoveelste Afrikaanse dictator te worden. Nog nooit heeft Uganda sinds de onafhankelijkheid in 1962 een geweldloze overdracht van de macht gehad. Nu steeds meer voormalige strijdmakkers, ook uit het leger, zich van Museveni afkeren, wordt het risico op nieuw geweld groter en valt het succesverhaal Uganda in duigen.

Terwijl een paar jaar terug kritiek op Uganda en de zo prettig meewerkende president Museveni onmogelijk was, lijkt het nu juist bon ton om het land te kritiseren. Het Verenigd Koninkrijk, Ierland en Noorwegen hebben vanwege de mogelijke derde regeertermijn van Museveni symbolische bedragen op hun ontwikkelingshulp gekort en de Wereldbank publiceerde vorig jaar een extreem kritisch rapport dat vertrouwelijk had moeten blijven maar nu op straat ligt. Corruptie, staat in dit rapport, is een ‘mechanisme’ geworden om het regime van Museveni aan de macht te houden. Familieleden in de eerste lijn zitten tot over hun oren in lucratieve regeringszaken. Zakenman en ex-luitenant-generaal Salim Saleh, de broer van Museveni, is achter de schermen nog steeds de baas van het nationale leger, terwijl Museveni’s zoon de leiding heeft over de Presidential Guard Brigade, een immens privé-leger van de president. Ministers die wegens corruptie door het parlement werden berispt, konden hun positie gewoon behouden.

‘Donorlanden hebben jarenlang de ogen gesloten voor wat hier écht gebeurde’, zegt een mensenrechtenactiviste, die anoniem wil blijven, op een terrasje in een buitenwijk van Kampala. ‘Ze zagen de vriendelijke glimlach van Museveni en constateerden dat het hier in de hoofdstad beter gaat dan vroeger. Maar ze hebben nooit omgezien naar wat er in de rest van het land gebeurde. Reis je een uur de stad uit, dan zie je de bittere armoede. Aan de oppervlakte gaat het misschien goed, maar wie dieper kijkt ziet dat Museveni veel steken heeft laten vallen. Ugandezen zijn extreem geduldig geweest, maar nu kunnen ze niet meer stil blijven zitten.’ Museveni, zegt de mensenrechtenactiviste, is nooit de vredesduif geweest die het Westen altijd van hem gemaakt heeft. Politieke tegenstanders als zij werden menigmaal opgepakt en in het gevang gegooid. ‘Dan is het wrang om van het Westen te horen dat Uganda zo’n geweldig voorbeeld voor de rest van Afrika is’, zegt ze.

‘En vergeet niet’, zegt parlementslid Alice Alaso (FDC) een paar dagen later in haar werkkamer ‘dat in het Noorden nog altijd anderhalf miljoen mensen in vluchtelingenkampen zitten. De veel geprezen legerleider Museveni heeft nooit de politieke wil gehad het bloedige conflict met het Verzetsleger van de Heer op te lossen.’ Onderhandelingen tussen de regering en godsdienstwaanzinnige Joseph Kony liepen eind vorig jaar spaak. Sindsdien probeert Uganda de opstandelingen niet erg succesvol tezelfdertijd met militaire kracht en via het internationale strafhof in Den Haag te bestrijden. Alaso: ‘En dan hebben we het nog niet eens gehad over de rol van het Ugandese leger in Congo. Dat conflict is jarenlang nodeloos gerekt om de economische belangen van Museveni en zijn familie veilig te stellen. Laat het Westen eindelijk toch eens wakker worden.’

Advertisements

About this entry