Mozzarella sticks uit de muur (NRC Handelsblad, 29 augustus 2006)

Vandaag opent de eerste ‘Febo’ in New York. Robert Kwak kocht de complete machinerie van het Nederlandse bedrijf. Want voedsel uit een luikje is “very New York”.

Door Peter Vermaas

Twee jaar geleden belde David Leong in opgewonden toestand vanuit Amsterdam naar zijn New Yorkse vriend Robert Kwak. Wat hij op vakantie in de Nederlandse hoofdstad had gezien, was bijna te mooi om waar te zijn. Gefrituurde stukjes kip, hamburgers en iets wat ze kroketten noemden, lagen achter glazen luikjes kant en klaar te wachten op klandizie. Aan belangstelling geen gebrek: de Hollanders dromden vooral ’s nachts massaal samen rondom het geautomatiseerde voedsel en konden door louter een paar muntjes in de machine te werpen hun behoefte aan een vette hap direct bevredigd zien. “Kom ogenblikkelijk naar Nederland”, riep Leong door de telefoon. “Dit moet je meegemaakt hebben.”

Onverwijld nam Robert Kwak het vliegtuig. En eenmaal in Amsterdam liet hij zich direct naar een filiaal van automatiekketen Febo leiden. Ook hij was overdonderd. “Dit is amazing, dacht ik. Ik wist meteen dat dit in New York zou aanslaan. De snelheid, het gebruikersgemak, de stijl… ja, dit is very New York.”

Kwak, eerder initiatiefnemer van de eerste Aziatische basketbalcompetitie van Manhattan, ging meteen aan de slag. Hij deed onderzoek en ontdekte dat de unieke Hollandse formule in de Verenigde Staten wel degelijk geschiedenis heeft. Al in 1902 werd door Joseph Horn en Frank Hadart in Philadelphia de eerste automatiek geopend en in New York maakten de automat restaurants van Horn & Hardart’s vanaf 1912 furore. Maar met de opkomst van fastfoodketens als McDonalds kreeg de branche het in de jaren vijftig van de vorige eeuw steeds moeilijker. De spaghetti met gehaktballen, kippasteitjes en rijstpudding vonden nog nauwelijks aftrek. Op 9 april 1991 sloot aan 42nd Street de laatste automatiek van New York haar deuren. “Niet zo vreemd”, zegt Kwak. “Die automatieken zijn niet met de tijd meegegaan. Ze bleven tot het bittere eind oudemannenvoedsel verkopen.”

Vandaag openen Robert Kwak en David Leong aan Saint Mark’s Place in de East Village de eerste New Yorkse automatiek van de eenentwintigste eeuw. De zaak is, geeft Kwak toe, compleet gemodelleerd naar de Amsterdamse Febo. De machinerie – dertien kolommen met elk acht glazen luikjes – heeft hij compleet uit Nederland laten overkomen. Alleen de kleurschikking is wat anders. De gele huisstijl van Febo is in New York ingeruild voor felroze. Opvallend is dat zeker. En vooral aan Saint Mark’s Place, dat eens het epicentrum van de New Yorkse undergroundscene was en met zijn grote aantal piercing- en tattooshops nog altijd hele volksstammen alternatievelingen aantrekt. De oogverblindende pui van Bamn (‘satisfaction is automatic!’) steekt schril af tegen de duistere façades van allerhande obscure aanpalende ondernemingen.

Maar dat moet ook, zegt Kwak. Voor alles wil Bamn namelijk hip en modern zijn. Achter de luikjes dus geen oudemannenvoedsel, maar mozzarella sticks, donuts, cheeseburgers en pizza dumplings. En als extra specialiteit introduceert chef-kok Kevin Reilly de kaaskroket. “Of zoiets aanslaat in New York weet ik niet”, zegt Kwak. “Maar ik wilde het geprobeerd hebben.” Reilly – bekend van de exquise Water Club aan de East River – zal er de komende tijd voor zorgen dat het aanbod in de automatiek van Bamn bij de tijd blijft.

Om wat buzz te creëren heeft Kwak in de week voorafgaand aan de grand opening van vandaag alle luikjes laten vullen en de zaak opengesteld voor publiek. Er mocht nog niets verkocht worden, maar tientallen passanten wandelden naar binnen om dit nieuwe fenomeen te aanschouwen. “Alles onder de twee dollar en 24 uur per dag geopend”, lichtte Kwak gevraagd en ongevraagd toe. De reacties – variërend van “holy shit!” tot “so cool” – waren louter positief.

En iedereen wist het zeker: een automatiek is very New York.

Advertisements

About this entry