Democraten tevreden met blunderend geblaat Bush (De Groene Amsterdammer, 13 december 2006)

President Bush lijkt het rapport van James Baker te negeren. De democraten verkneukelen zich stilletjes.

NEW YORK – Nog voor Kerstmis zal de Amerikaanse president Bush met een ‘nieuwe strategie’ voor de vastgelopen oorlog in Irak komen. Dat zei althans zijn woordvoerder Tony Snow afgelopen maandag. Maar het is niet waarschijnlijk dat die strategie zich ook maar enigszins verhoudt tot de adviezen van de commissie van oud-minister James Baker, een Republikein, en de voormalige Democratische afgevaardigde Lee Hamilton. Daags na de langverwachte presentatie van het adviesrapport van de zogeheten ‘tweepartijen’-commissie, verwees Bush enkele van de belangrijkste adviezen linea recta naar de prullenmand. Hij was bepaald niet van plan met Iran en Syrië te gaan praten over de toekomst van Irak en hij zag het evenmin zitten om in de komende vijftien maanden alle Amerikaanse gevechtstroepen terug te trekken. Republikeinse congresleden, zoals senator John McCain, hebben al laten weten de voorstellen van Baker en Hammilton als een capitulatie voor de opstandelingen te beschouwen.

Dat is een tegenslag voor de nieuwe minister van Defensie Robert Gates. Hij maakte immers deel uit van Bakers commissie en is volgens ingewijden bij de invloedrijke Council on Foreign Relations, waarvan hij tot voor kort lid was, zelf groot voorstander van gesprekken met Syrië en Iran. Vooral Democraten waren vorige week erg opgelucht toen Gates bij de hoorzittingen in de Senaat een vrij realistische visie op de ontwikkelingen in Irak liet horen. De Verenigde Staten zijn niet aan de winnende hand, zei hij daar.

Het ontslag van Gates’ voorganger Rumsfeld en het vertrek van VN-ambassadeur Bolton na de verkiezingen van 7 november waren voor diezelfde Democraten meevallers. Vooral met het naar huis sturen van Rumsfeld maakte Bush het de verdeelde Democratische afgevaardigden gemakkelijk. Er hoefde nu geen ingewikkelde afzettingsprocedure in gang gezet te worden en de Democraten konden bij hun standpunt blijven dat de oorlog in Irak ‘niet goed’ gaat, zonder dat zij daarvoor een alternatief hoefden aan te dragen. Hoewel de Democraten de verkiezingen voor een groot deel hebben gewonnen op het antioorlogsticket proberen ze angstvallig niet te veel bij die oorlog betrokken te raken.

Wat dat betreft worden ze ook nu weer door Bush op hun wenken bediend. Als Bush de voorstellen van de commissie-Baker integraal had overgenomen, waren de Democraten pardoes de oorlog ingerold. Ze waren door onder anderen Hamilton medeverantwoordelijk geworden, terwijl ze er meer baat bij hebben om de alom aanwezige polarisatie in de Amerikaanse politiek tot de presidentsverkiezingen van 4 november 2008 te laten voortduren. Het beeld dat de Republikeinen er in Irak een potje van maken, moet tot die datum niet verstoord worden – hoe omstandig de nieuwe speaker van het Huis, Nancy Pelosi, op de thee bij Bush onlangs ook mocht aankondigen dat het nieuwe Congres boven alles samenwerking tussen Republikeinen en Democraten beoogt.

De kiezer speelt het spel voorlopig mee. In de laatste poll van cbs News is nog maar 21 procent van de kiezers het eens met het Irak-beleid van Bush. Dat is minder dan ooit.

PETER VERMAAS

Advertenties

About this entry