Van intellectueel naar politicus naar activist (De Groene Amsterdammer, 19 oktober 2007)

De nobelprijs voor Al Gore

Een publieke intellectueel die in Amerika zijn doel wil bereiken, moet níet polariseren en Washington mijden. Of: hoe Al Gore zijn Nobelprijs won.

DOOR Peter Vermaas

NEW YORK – Al Gore, de ietwat studieuze en harkerige vice-president onder Bill Clinton, was na de nipt verloren verkiezingen van 2000 lange tijd hoegenaamd onzichtbaar. Heel af en toe verscheen zijn foto in de kranten. Met een enorme boswachtersbaard keek de verliezer nors de camera in. Een ander mens, in niets de gelikte presidentskandidaat. Misschien wel authentieker.

In die tijd vond de bebaarde Gore zichzelf opnieuw uit. Hij doceerde op een universiteit, vergaarde wat commissariaten en haalde, op advies van zijn echtgenote Tipper, de oude diashow over klimaatverandering onder het stof vandaan. Het politieke issue dat voor hem sinds zijn Harvard-jaren het belangrijkst was, maar waarover hij van de campagne-spindoctors niet had mogen spreken, zou in een nieuw bestaan na de politiek voorrang krijgen.

In het gepolariseerde klimaat na het verkiezingsdrama probeerde de voormalige vice-president met zijn dia’s en later de film en het boek An Inconvenient Truth tegen de klippen op een nieuw saamhorigheidsgevoel te kweken. Amerikanen moesten weer trots op hun land kunnen zijn en het milieu bood de mogelijkheid om de oude ‘morele autoriteit’ te herwinnen. De film gaf de doorslag. Niet zelden eindigde een vertoning ergens in de vijftig staten met lang applaus. Wekenlang was de (op zichzelf oersaaie) film in bioscopen overal in het land te zien. Met een opbrengst van 49 miljoen dollar behoort hij tot de best bekeken en meest lucratieve documentaires ooit.

In An Inconvenient Truth laat Gore zien dat het milieu niet louter een hobby van boswachters met geitenwollen sokken is, maar dat ook gewone Amerikanen zoals hij, uit het zuiden van het land, zich over de opwarming van de aarde zorgen zouden kunnen maken. Typerend is de scène waarin hij cruisend in een benzineslurpende slee uit Detroit verhaalt over zijn jeugdige plattelandsavonturen met een jachtgeweer. Al Gore, zo moest uit de film blijken, is one of us en dus te vertrouwen. Die strategie heeft gewerkt. Gore, de intellectueel die politicus werd en de politicus die activist werd, heeft klimaatverandering in de Verenigde Staten op de agenda gekregen – en niet alleen bij Democraten.

Terwijl George W. Bush zich in zijn presidentschap richtte op de specifieke groep Amerikanen die op hem gestemd had, steeg Gore boven de partijen uit en maakte van een intellectualistisch onderwerp in de marge van het publieke debat een thema dat alle Amerikanen zou moeten aanspreken en nu – ondanks Washington – toch een politiek issue is geworden. Gouverneur Arnold Schwarzenegger van Californië deed wat in 2000 nog onmogelijk was: hij maakte het klimaatbeleid afgelopen november inzet van verkiezingen. En hij won. En nota bene president George W. Bush, die nog in 2002 de rol van mensen bij de opwarming van de aarde ontkende, organiseerde vorige maand een grote klimaatconferentie.

De nieuwe Gore, die van ná de politiek, heeft hiermee een revolutie teweeggebracht die vooral in Europa maar nauwelijks op waarde wordt geschat. Na de gedeelde Nobelprijs van vorige week verschenen dus weer her en der zure stukjes. De strekking: wat Gore vertelt, weten we al jaren of is op sommige punten net niet helemaal wetenschappelijk verantwoord. Maar in de VS, het meest vervuilende land ter wereld, wisten de meeste mensen dat dus niet. De afgelopen week veelgehoorde kanttekening dat klimaatverandering niet zoveel met vrede te maken heeft, snijdt evenmin hout. Eerder dit jaar werd in de Veiligheidsraad op initiatief van de Britten voor het eerst over de veiligheidsaspecten van milieuproblemen gesproken. Een van de aanleidingen was het conflict in Darfur, waar nomaden op zoek naar voedsel voor hun kuddes de landbouwers verdreven hebben. De Verenigde Naties verwachten dat de wereld in 2010 vijftig miljoen milieuvluchtelingen kent.

Veel kranten – ook weer vooral in Europa – vroegen zich af of Gore met de Nobelprijs (én een Oscar) zou terugkeren in de politiek en zich alsnog zou kandideren voor het presidentschap in 2008. Zelf is hij daar vaag over, maar het lijkt niet erg waarschijnlijk. De tijd dringt en zoveel geld als Barack Obama en Hillary Clinton hebben verzameld, kan zelfs Gore niet meer bijeen krijgen. Bovendien zou Gore niet alleen zijn eigen onbezoedelde statuur te grabbel gooien, hij zou ook zijn minutieus geconstrueerde geloofwaardigheid weer teniet doen. Niet dankzij Washington, maar dankzij the popular vote won hij een Nobelprijs en kreeg hij zijn stokpaardje in de VS op de agenda. Dat zal Gore niet snel vergeten.

© Peter Vermaas / De Groene Amsterdammer

Advertenties

About this entry