Naar eigen zeggen (De Groene Amsterdammer, 14 maart 2008)

Amerikaanse lezers krijgen geld terug als memoires verzonnen blijken.

NEW YORK – Na het verschijnen van de memoires Love and Consequences, geschreven door Margaret B. Jones, gingen op de redactie van The New York Times alle registers open. Eerst publiceerde de krant eind februari een uitgebreide recensie, een paar dagen later kwam er een lange voorpublicatie en ten slotte werd paginagroot in het katern Home & Garden de auteur in haar feeërieke schrijvershuisje in Oregon geportretteerd.

Jones (33) schrijft in haar boek over haar jeugd als lid van de Bloods, een van de zwarte gangs van Los Angeles. Na seksueel misbruik werd de ‘half witte, half indiaanse’ naar eigen zeggen in het zwarte gettogezin van ‘Big Mom’ geplaatst. Vanaf haar twaalfde ging ze met hulp van haar pleegbroertjes handelen in drugs, op haar dertiende verjaardag kreeg ze haar eerste wapen en maakte ze deel uit van de gangoorlog die de stad al vele jaren in haar greep heeft. Nabije vrienden worden doodgeschoten, in het gevang gegooid of verdwijnen anderszins. Het was een indrukwekkend en goed geschreven verhaal, vonden de recensenten van gerespecteerde kranten. Maar er bleek niets van waar.

Jones is het pseudoniem van Peggy Seltzer, die jarenlang lessen creative writing volgde aan de universiteit van Oregon. Haar zus belde met uitgeverij Riverhead, onderdeel van Penguin, toen ze het gefabriceerde verhaal in de krant las. In werkelijkheid groeide de lelieblanke Peggy op bij haar biologische ouders in een welvarende buurt van Los Angeles, ver van het bendegeweld, en zat ze in haar puberteit keurig op een dure privé-school. Ze gebruikte verhalen van vrienden en kennissen die wél bendelid waren, om een boek te schrijven dat door haar en haar uitgeverij als autobiografie aan de man gebracht werd.

Dit geval staat niet op zichzelf. Toevallig werd vorige week ook bekend dat de goed verkochte holocaustmemoires van Misha Defonseca verzonnen waren en eind januari plaatste een Australische krant vraagtekens bij de door de ex-kindsoldaat Ishmael Beah beschreven helletocht in Sierra Leone. De Amerikaanse boekenwereld herinnert zich echter vooral de deconfiture van James Frey, die begin 2006 toegaf dat hij zijn autobiografie over drugsverslaving goeddeels bij elkaar had verzonnen. Lezers waren woest en dienden zonder al te veel succes een klacht in op grond van de Consumer Protection Act. ‘Als u in de supermarkt een pak koopt waar “spaghetti” op staat en thuis blijkt het rijst te zijn, bent u ook benadeeld’, zei de openbaar aanklager destijds.

De boeken die helemaal niet of niet helemaal waar bleken, zijn alle getuigenissen van mensen die zichzelf vanuit ellende omhoog werken. Dat is wat Amerikanen, die meer reality- en emo-tv kijken dan drama of speelfilms, graag lezen. Maar: ‘Hoe meer we met alle geweld het “echte” willen horen, hoe ongrijpbaarder dat wordt’, concludeerde een wetenschapper op de opiniepagina van de Los Angeles Times.

Dat bedoelde hij in overdrachtelijke zin. Maar ook letterlijk heeft hij een punt. Het boek van Frey is door miljoenen gelezen, voordat duidelijk werd dat hij zijn levensverhaal mooier had gemaakt dan het was. Het was een goed geschreven en knap gecomponeerd boek, dat net als de ‘memoires’ van Margaret B. Jones door recensenten enthousiast was ontvangen.

De uitgeverij van Jones/Seltzer heeft inmiddels alle negentienduizend gedrukte exemplaren van het boek teruggeroepen en excuses aangeboden aan de lezers. Mensen die het boek hebben gekocht, kunnen hun geld terugkrijgen. Wie het alsnog op zijn literaire merites wil beoordelen, krijgt daar helaas de kans niet voor.

PETER VERMAAS

Advertisements

About this entry