Wall Street-socialisme (De Groene Amsterdammer, 17 oktober 2008)

Met zijn steun voor de bailout van president Bush heeft John McCain zich binnen de Grand Old Party in een onmogelijke positie geplaatst. Koren op de molen van de libertarische vrijheidsfundamentalisten.

DOOR PETER VERMAAS

NEW YORK – Niet alleen de bankiers en handelaars van Wall Street zijn het spoor even bijster. De Republikeinse presidentskandidaat John McCain wilde nog maar drie weken geleden de verkiezingscampagnes stilleggen om met Democraten in Washington te onderhandelen over de financiële injectie van zevenhonderd miljard dollar, die niet alleen volgens minister van Financiën Hank Paulson, maar ook volgens Barack Obama én John McCain zelf hoogstnoodzakelijk was. McCain dreigde niet deel te nemen aan het eerste verkiezingsdebat met zijn Democratische tegenstrever omdat ’s lands economie hem hard nodig had. In Washington zou hij laten zien dat zijn jarenlange ervaring onontbeerlijk was om de deal te maken en daarmee de economie te redden.

Inmiddels heeft de bailout voor McCain afgedaan. In een poging zijn campagne uit het moeras te trekken, veegde hij afgelopen maandag tijdens een speech in Virginia Beach de vloer aan met de miljardeningreep waarmee hij anderhalve week eerder manmoedig instemde. Als president, beloofde McCain zijn toehoorders, zal hij niet zevenhonderd miljard ‘van jullie geld uitgeven om slechts de bankiers van Wall Street en de handelaren die ons in deze rotzooi gebracht hebben uit te kopen’. ‘Ik ga ervoor zorgen’, ronkte hij met running mate Sarah Palin aan zijn zijde, ‘dat we aandacht krijgen voor de mensen die door de excessen van Wall Street en Washington geruïneerd zijn.’

Virginia is op het moment een van de felst bestreden staten in de race om het presidentschap. Sinds 1964 heeft geen Democraat in de staat van fabrieksarbeiders, veteranen, overheidsambtenaren en conservatieve christenen gewonnen. Maar in de laatste peilingen staat Barack Obama er op een gemiddelde voorsprong van 6,3 procent. Om de verkiezingen te winnen, moet McCain ten minste deze staat binnenslepen. De hele maandag was daarom gereserveerd om de kiezers aan gene zijde van de Potomac-rivier voor McCain en Palin te winnen. En zonder helder plan voor de economie gaat dat niet lukken, realiseerde de campagne zich.

Daarom liet McCain weten als president ongezonde hypotheken te zullen opkopen, zodat mensen in hun onder gunstiger gesternte aangeschafte huizen kunnen blijven wonen. Dat dat boven op de miljarden van Paulson vele nieuwe miljarden dollars kost, vertelde hij er voor het gemak niet bij. Zonder met zijn ogen te knipperen hield hij zijn aanhangers in de volgende zin van zijn toespraak zelfs voor dat hij de presidentskandidaat is die de overheidsuitgaven voor eens en voor altijd zal verlagen, zoals Republikeinen dat sinds jaar en dag gedaan zouden hebben.

Dat is op zijn minst een dubbele boodschap. Maar McCain zit dan ook in een lastig parket. Zijn campagne is door de crash op de financiële markten verder in de problemen geraakt. De senator uit Arizona was voor de Republikeinen de ideale kandidaat voor een verkiezingsstrijd die zou gaan over internationale ontwikkelingen, over de oorlog in Irak en over terrorisme. Een terroristische aanslag vlak voor de verkiezingen was voor McCain mooi meegenomen of zou althans ‘een groot voordeel’ opleveren, meende een van zijn adviseurs zelfs in een onbewaakt ogenblik. Oorlogsheld McCain ging tenslotte de campagnes in met het ijzersterke motto liever een verkiezing te verliezen dan een oorlog.

Nu de oorlog en het buitenland op een zijspoor zijn beland, houdt de steun voor McCain in de opiniepeilingen bijkans gelijke tred met de fluctuaties van de Dow-Jonesindex. Volgens James Carville, de Democratische strateeg die met het te vaak geciteerde maar accurate devies ‘It’s the economy, stupid’ in 1992 de verkiezingen voor Bill Clinton won, kan Obama de winst in november niet meer ontgaan. Het ís de economie en de kiezers associëren het wangedrag op Wall Street meer met Republikeinen dan met Democraten. Daar komt bij dat McCain in het verleden twee keer heeft toegegeven van economische kwesties geen sjoege te hebben. Tot half september hield hij in zijn toespraken bovendien vol dat de ‘fundamenten van de Amerikaanse economie’ sterk zijn. Als hij over de economie zou blijven praten, erkende een onhandige campagnemedewerker onlangs, zullen de Republikeinen geheid verliezen.

Een groot deel van de natuurlijke achterban van zijn partij joeg McCain de afgelopen drie weken al tegen zich in het harnas door vóór de bailout van Paulson en Bush te stemmen. ‘Dit is het begin van socialistisch Amerika’, fulmineerde de conservatieve financieel commentator (en acteur) Ben Stein in The Washington Times namens de onwankelbare gelovigen in Milton Friedmans laissez faire. Ook een aantal prominente Republikeinse collega’s, zoals Chuck Grassley uit Iowa en Richard Shelby uit Alabama, beiden lang actief in financiële commissies van de Senaat, keerde zich in felle bewoordingen tégen het overheidsingrijpen van de regering-Bush in de markten en distantieerde zich van McCains steun daaraan.

Het verhaal van Barack Obama dat de Republikeinen verantwoordelijk zijn voor de financiële crisis gaat er ondertussen in als zoete koek. Of dat verhaal nu klopt of niet. Het Britse tijdschrift The Spectator maakte vorige maand al aannemelijk dat de (Democratische) regering van Bill Clinton in een goedbedoelde poging het eigenhuisbezit te vergroten wel erg gammele hypotheken heeft toegestaan. In zijn laatste boek Bad Money laat de voormalige Republikeinse strateeg Kevin Phillips bovendien zien dat vooral de laatste vijftien jaar lobbyisten en bestuurders van bedrijven uit de financiële sector steeds dichter tegen de Democraten aan schurken. Terwijl Republikeinen in de jaren tachtig de retoriek van zelfregulerende ‘efficiënte markten’ hanteerden en de Democraten in de jaren negentig zich in hun verkiezingspraatjes van de graaicultuur op de financiële markten distantieerden, gingen beide partijen gelijk op met bailouts van banken, verzekeraars en industrieën, schrijft Phillips.

Het ‘Wall Street-socialisme’ is volgens Phillips van alle tijden, maar het zijn de Republikeinen die er door hun lang bezongen mantra van kleinere overheid, deregulering en kostenbeperking het meest op worden aangesproken. En in combinatie met de grootste publieke én private schuld ooit, heeft John McCain dezer dagen heel wat uit te leggen. ‘De fundamenten van de economie zijn namelijk allesbehalve sterk’, zegt Phillips in reactie op de Republikeinse presidentskandidaat. McCain ziet ondertussen uit naar de dag dat hij weer over het terrorisme mag spreken. © PETER VERMAAS / De Groene Amsterdammer

Advertenties

About this entry